Alleen als ik per vliegtuig reis drink ik tomatensap, eet ik gerookte amandelen en – noem het ‘guilty pleasure’- kijk ik naar films die ik thuis nog niet eens zou huren. Makkelijke, sentimentele tranentrekkers waar ik steevast bij moet huilen. Ik wijt het maar aan het rare tijd- en klimaatloze dat vliegen heeft. Onderweg ben je nergens en weet je eigenlijk geen seconde hoe laat is. Het ‘flighttracking’ scherm probeert je iets anders te doen geloven door de tijd op bestemming, resterende vliegtijd en tijd op locatie van vertrek weer te geven. Mij helpt het niet. Ik raak er door verzeild in existentiele vragen, waar ik dan weer melancholiek van word.
De laatste film van Woody Allen, Midnight in Paris, leek me wel geschikt voor mijn melancholieke bui tijdens een vlucht naar Nairobi. Owen Wilson, een blonde ‘surfdude’ met een lijzigheid die prima past in voorspelbare Hollywood producties, speelt de hoofdrol. De link met Woody Allen zag ik niet meteen.
Het plot is simpel. Een schrijver, gespeeld door Wilson, die worstelt met zijn ooit te schrijven bestseller, gaat naar Parijs met zijn verloofde en haar ouders. Om zich te onttrekken aan allerlei verplichte diners slentert hij ’s nachts door de straten van Parijs en komt klokslag middernacht telkens in de jaren ’20 van de vorige eeuw terecht. Heel toevallig gaat zijn roman, die maar niet wil vlotten, over nostalgie. Tijdens zijn nachtelijke dwalingen ontmoet hij schrijvers en schilders als Ernest Hemingway, F. Scott Fitzgerald, Salvador Dalí, Getrude Stein en Pablo Picasso. Hij wordt verliefd op één van de vrouwen die met deze grote geesten optrekt en zij op hem. Dat gaat natuurlijk niet, twee mensen uit verschillende tijden. Wel maakt het duidelijk dat zijn aanstaande niet de ware voor hem is. Het is een soort “Back to the Future” met een intellectueel sausje door al die kunstenaars die het decor van zijn innerlijke zoektocht vormen.
Toch kreeg het gegeven van het ronddwalen in een andere tijd me in haar greep. Dat verblijven in zo’n tussentijd, het even ontvluchten van de dagelijkse realiteit in de wetenschap dat het tijdelijk is, maakt de geest vrij om te denken buiten de vertrouwde perspectieven. Net als vliegen dat doet. Het wordt me hoog in de lucht altijd helder wat ik belangrijk vind en welke knopen ik door wil hakken.
Een half uur voor mijn landing eindigde ‘Midnight in Paris’ met een happy end. Op een brug, rond middernacht, gewoon in 2011, ontmoet hij zijn soulmate. Haastig veegde ik een paar tranen van mijn wangen en keek opzij. Naast mij snurkte een kogelronde Amerikaan. Zonder een blik op het flighttracking scherm, wist ik ineens precies waar ik was.
'Verschenen in het Financieele Dagblad'
Met zes verzekeringsspecialisten in mijn kielzog fiets ik door Rotterdam. In hun streven om als bedrijf maatschappelijker te worden – en dan niet alleen in woorden – neem ik ze mee op ontdekkingsreis in de samenleving. Je wordt namelijk niet maatschappelijker door in een kantoortuin te zitten brainstormen. Dat begint met ervaringen opdoen en in gesprek gaan met mensen.
Ik zet een stevig tempo in, op voor mij bekend terrein. De rest volgt, mopperend omdat ik vrijwel door elk rood licht fiets. Na een ontmoeting bij de Mevlana-moskee in West, koersen we over de Erasmusbrug naar Hotel Thuispaleis, midden in de Millinxbuurt op Zuid.
Daar staat Hotel Thuispaleis, een hotel met slechts één kamer, gerund door de wijkbewoners. Kunstenaar Jan Konings, de bedenker, zag dat de wijk barst van de talentvolle thuiswerkers, die achter hun vitrages en voordeuren in hun eentje meubels maken, catering verzorgen, schoonmaken en haren knippen. Al die talenten laat Konings samenkomen in de werkruimtes op de tweede etage van het hotel. Zo brengt hij de kracht van deze wijk op deze manier letterlijk naar buiten.
De lunch met een aantal thuiswerkers van allerlei nationaliteiten start onwennig: we zoeken naar de juiste toon en vragen. Praten doen ze wel, deze dames, maar wat beweegt hen nou echt? En hoe kunnen we hier iets mee? Ik lees het van de voorhoofden van de verzekeraars. Maar naarmate die laatste vraag naar de achtergrond verdwijnt, worden de gesprekken geanimeerder. Hun enthousiasme is aanstekelijk, de inhoud van de gesprekken soms verwarrend. Mijn reisgenoten raken geïnspireerd door de kracht van het concept: de wijkbewoners als eigenaar en ondernemers in de wijk. Maar ze voelen ook de frustratie over de regelgeving, die ooit was bedacht om als vangnet te dienen, maar die nu echt ondernemerschap in de weg lijkt te staan. Een dilemma waar we die dag niet uitkomen. Het idee achter Hotel Thuispaleis inspireert. Konings volgt de paden, die op natuurlijke wijze zijn ontstaan. Dat maakt zijn concept krachtiger dan wanneer iemand zelf de paden gaat aanleggen en een nieuw ontwerp bedenkt achter de ambtelijke tekentafel.
Na onze reis door de stad zullen mijn expeditiegenoten de komende weken nog meer ontmoetingen hebben bij verschillende bedrijven, alvorens wij bij de laatste ‘bestemming’ aankomen: hun eigen bedrijf. Wat betekenen al die ervaringen nu voor hen? We staan vlak voor een doorbraak naar een andere koers: nog steeds zakelijk én met sociale impact. Zonder exact te weten waar we uitkomen, toont de groep eigen verantwoordelijkheid en ondernemerschap om die koers te realiseren. Nu is het de kunst om te zien welke paden op een natuurlijke manier ontstaan. En dan niet per se iets nieuws te willen bedenken, dat alle bestaande initiatieven terzijde schuift. En dat zeg ik ook tegen mezelf.
'Verschenen in het Financieele Dagblad'
Hoe drukker ik het heb, hoe vasthoudender ze me lokt, verleidt en me telkens opnieuw voor zich wint: de uitvlucht. Om net iets anders te doen dan wat ik eigenlijk van plan was. Elke keer doe ik een soort rituele dans waarin ik probeer haar te ontlopen, om vervolgens te ontdekken dat ik haar meer opzoek dan ik toe wil geven. Ze kent inmiddels vele gedaantes en ze leidt me vakkundig om de eigen tuin.
Knipperend in neonletters schreeuwen een paar To Do’s om actie. Ik voel de druk toenemen, de spieren in mijn schouders spannen zich en toch doe ik eerst zeker drie andere dingen. Winterbanden bestellen, een code aanvragen voor mobiel bankieren en mijn mailbox opruimen. Goed bezig. Het liefst beantwoord ik ook nog een paar mails, dat geeft lekker snel resultaat. En nu ik toch bezig ben meteen maar even die paar ‘pending’ LinkedIn uitnodigingen accepteren. Hé, da’s grappig, die oud-collega heeft een andere baan. Die felicitatiemail kan er ook maar uit zijn.
Het zijn dingen die ik ook moet doen, alleen niet per se nu. In mijn achterhoofd speelt nog steeds dat ene voorstel dat ik moet schrijven. Of dat artikel dat ik had beloofd. Iets groots, waar ik even over na moet denken. En wat goed moet zijn, het liefst in één keer. Andere mensen gaan zitten en schrijven het gewoon op. Waarom lukt mij dat niet?
Ik heb echt van alles geprobeerd. Tijdslimieten afspreken met mezelf, waar binnen ik mag afdwalen en even iets anders mag doen dan wat er op die dreigende lijst staat. Een koffie verkeerd in het vooruitzicht stellen als beloning voor als het af is. Mezelf vermanen en zeggen dat het nu maar eens afgelopen moet zijn met dat kinderachtige gedoe, van mezelf voor de gek houden.
De angst om een deadline niet te halen zorgt er voor dat me dat nooit overkomt. Naarmate de druk toeneemt, verdwijnen uitvluchten langzaam uit beeld. Alle gedachtenflarden vanuit mijn uitvluchten komen ineens samen in een tunnel die direct naar het resultaat leidt.
Het is net als met het schrijven van sinterklaasgedichten. Maandenlang weet ik al dat 5 december eraan komt. Toch storm ik elk jaar weer, drie kwartier voordat de zak met cadeautjes naar binnen wordt geworpen het ouderlijk huis binnen. Ik sluit me op in mijn oude slaapkamer om er voor iedereen een gedicht uit te knallen. Waar ik dan ook nog tevreden over ben en enorm mee scoor. In de onderstroom was ik er tijdens al mijn uitvluchten al weken mee bezig.
Na jaren van verzet zie ik langzamerhand de schoonheid van al mijn uitvluchten in. Zij wijzen me uiteindelijk de weg.
Better Future – 100% betekenisvol. Dat is ons streven en dat is wat tijdens Create the Future, ons jaarlijks event, prachtig vorm kreeg. Op de kaartjes die onze gasten na afloop voor ons schreven kreeg ‘betekenis’ wel drie betekenissen:
Verbinding.
Met de hoofden dichtbij elkaar werden echte gesprekken gevoerd. Mensen werden gezien en gehoord. Verbindingen gelegd met elkaar en met de toekomst.
Energie.
Zoals Michel het uitdrukte, ‘never a dull moment’ bij Better Future. Onze keynote spreker Ruud Koornstra was helaas ziek, maar de improvisatie die daarop volgde in de vorm van duo-boswandelingen bracht hoofden en harten in beweging.
Inspiratie.
De negen masterclasses inspireerden elk op hun eigen manier. Jaikumar, bijvoorbeeld, bleef dicht bij zichzelf in zijn verhaal over de ‘angels’ in zijn leven. Mensen die jou op cruciale momenten verder helpen. Wie zijn jouw angels, en vooral, voor wie kan jij een angel zijn?
Dank mooie mensen, graag tot gauw in ons Better Home.
Het begon met een onschuldige opmerking over een foto in de krant, van een vrouw in een topfunctie. Ik zei iets over haar onopgemaakte gezicht. Leuk, die naturelle opvatting over schoonheid, maar jammer als je er zo moe en afgetobd uitziet. Een beetje make-up was leuker geweest voor de foto, vond ik. De klap kwam direct en scherp van links. Dat we zo natuurlijk nooit verder kwamen, wij vrouwen, omdat we elkaar onderling zo bekritiseren en daarmee afhouden van ‘the one way ticket to the top’. Vriendin J., de uitdeler van die linkse hoek, zit zelf in een vrouwennetwerk bij de multinational waar ze een stijl carrièrepad bewandelt.
Ze had een punt. Ik prees de verdiensten van deze topvrouw pas nadat ik iets over haar uiterlijk had gezegd. Ik had ook een punt. Net zoals de inhoud van een presentatie het niet redt zonder mooie en verzorgde verpakking, vind ik dat vrouwen elkaar moeten helpen bij het inzetten van onze verpakking. Zij aan zij op een bankje in de zon, geflankeerd door onze zonnebrillen, kibbelden we nog even verder. Over waarom ik vrouwennetwerken niet zie zitten, omdat ik vind dat het vaak zulke azijnzure klaagclubjes over mannen zijn. Alsof we onszelf en elkaar daarmee verder helpen. Zij zegt, na aanvankelijk wat scepsis, juist wel voordeel van zo’n netwerk te hebben. Het creëert een vrolijke gideonsbende die haar voortstuwt. Ze snapt bovendien waar het aan schort: aan onszelf.
Women Matter, een onderzoeksrapport van McKinsey laat bijvoorbeeld zien dat – onderzocht onder MBA studenten - 70% van de vrouwen haar eigen prestaties als even goed inschat als die van collega’s, terwijl onder mannelijke respondenten datzelfde percentage zichzelf beter vindt dan collega’s. Onze ambities liggen lager en we identificeren onszelf minder sterk met succes dan mannen dat doen. We zitten vooral onszelf in de weg. Dat moeten we wat J. betreft eerst maar eens onderling in ‘sisterhood’ oplossen. Weg met die zelfkritiek en de projecties van onzekerheid op onze ‘zusters’ en op naar geloof in eigen kunnen. Vriendin J. en rapport Women Matter hameren op de noodzaak van rolmodellen: vrouwen waar we ons aan kunnen optrekken. Foto’s van vrouwen, geharnast in mantelpakken spatten van het glanzende rapport af. Ik wil ook graag rolmodellen. Maar mogen ze er dan een beetje vrouwelijk uitzien? Dat ondersteunt volgens mij juist ons zelfvertrouwen.
De dag nadat ik een verhaal over leiderschap had gehouden voor een zaal met honderd vrouwelijke en ongeveer tien mannelijke ondernemers, ontving ik een mail van een van de toehoorders. Waar ik toch die prachtige groene laarzen had gekocht. Zoiets doet alleen een vrouw.
'Verschenen in het Financieele Dagblad'


