Zelfinzicht

19 januari 2012

Omdat ik er altijd naar streef mezelf te verbeteren en wil snappen waarom ik de dingen doe zoals ik ze doe, vulde ik een vragenlijst in over mezelf. Het was een wetenschappelijk betrouwbaar instrument, zei de collega-psycholoog die hem me gaf er haastig bij. Daarmee had ik de eerste feedback over mijn kritische houding al binnen. Bij meer dan tweehonderd zelfbeschrijvende zinnetjes gaf ik aan in hoeverre ik mezelf erin herkende. Gaandeweg het invullen dacht ik precies te weten wat er werd gemeten. Eerlijk invullen, hield ik mezelf continu voor. Wie heb ik er immers mee als ik dat niet doe? Precies.

 

Een computer boog zich over de patronen in mijn antwoorden en maakte er een tekening van in de vorm van een spinnenweb. Licht gespannen wachtte ik op ‘mijn’ plaatje. Die bleek, heel verrassend, enorm herkenbaar te zijn. Dat ik hoge eisen stel aan mezelf en daarmee waarschijnlijk ook aan anderen, sprong er onmiddellijk uit. Dat ik bovendien makkelijk situaties naar mijn hand zet, veel van anderen gedaan krijg en het ook maar lastig kan verkroppen als dat eens niet lukt, volgde direct op een goede tweede plek. Formele regels zijn immers toch niet van toepassing op mij? Ik herinner me de keer dat ik mij onder een bekeuring uit kletste bij een agent in opleiding en zijn leermeester. Ik begreep ook wel dat er op de stoep niet gefietst mocht worden, ik zou het echt nooit meer doen, maar ik had nou eenmaal heel veel boodschappen bij me en had toch al een rotdag. Het is me zelfs gelukt een wielklem van mijn auto af te praten zonder gedoe en kosten. De triomf waarmee ik me dan een koningin waan, vind ik zelf soms bijna gênant. Of die keer dat het niet lukte en ik woedend bij een KLM-balie stond die me midden in de nacht in Dar es Salaam liet staan, samen met twintig anderen, omdat de vlucht was overbooked. Pas toen ik het vliegtuig zag opstijgen begon ik in te zien dat het me niet was gelukt. Bij visumaanvragen voor buitenlandse reizen kan ik ook lastig geduld opbrengen, wachtend in afhankelijkheid van voor mij ondoorgrondelijke administratieve autoriteiten.

 

Het gesprek met mijn collega was verhelderend en confronterend. Net zoals ik dat bij mijn klanten doe, is het goed om mezelf een spiegel voor te houden. Daar zit tegelijkertijd ook de ironie en het meest confronterende van zo’n exercitie. Want hoe blij kun je zijn met een autobiografische terugkoppeling over jezelf? Zo gevoelig ben ik dus kennelijk voor wat iemand van me vindt, ook al ben ik het zelf. Misschien is dat nog wel het meest verhelderende inzicht.

 

Verschenen in het Financieele Dagblad

Reacties

Reageren